Onze lavendel wordt bedreigd

Het ‘blauwe goud’ van de Provence is zeer geliefd in binnen- en buitenland. Het wordt gebruikt in tal van toiletartikelen en parfums, essentiële oliën, in de keuken, en staat bekend om zijn therapeutische en geneeskrachtige eigenschappen. De oude Romeinen gebruikten het al, in de Middeleeuwen werd het kleine blauwe bloemetje zelfs ingezet bij de bestrijding van de pest.

En lavendel is sexy en fotogeniek. Toeristen komen van heinde en verre om zich tussen de lavendelvelden te laten vereeuwigen. Met name het Plateau de Valensole in de Vaucluse is in trek voor selfies en romantische Facebook- en Instagramkiekjes. Dat heeft een keerzijde. De toeristen doen namelijk alles voor een foto. Dus trappen ze de aanplant plat, plukken hele bossen lavendel uit privévelden, laten ook nog eens hun rotzooi achter, rijden onverantwoord hard over de plattelandsweggetjes en stappen zomaar bij je binnen als je de pech hebt er in de buurt te wonen. Daar is sinds enkele jaren een nieuwe bedreiging bij gekomen: la cicadelle. Een minuscule cicade (krekelachtige) die de oogst dreigt te vernielen. Zo’n 2.000 producenten, samen goed voor 25.000 hectaren lavendelvelden en 20.000 banen, hebben nu de noodklok geluid. De cicadelle, die een dodelijke bacterie overbrengt waardoor de planten verdrogen, dreigt de genadeklap voor de lavendelteelt te worden als er niet snel wordt ingegrepen. Er is maar één manier om de ravage een halt toe te roepen: alles opnieuw aanplanten met gezonde planten. Die zijn er inmiddels, mét garantiekeurmerk, maar het duurt twee jaar voor die volwassen genoeg zijn om ervan te kunnen oogsten. Intussen heeft Bulgarije Frankrijk als lavendelproducent van de eerste plaats verdrongen. 

Geen reactiemogelijkheid.